De grond

Als uitgangspunt voor een radijsteelt is de grondsamenstelling erg belangrijk. Per vierkante meter staan tussen de 250 en 450 plantjes per teelt (afhankelijk van de zaaidatum). Alle plantjes willen uitgroeien tot een uniform knolletje van allemaal dezelfde grootte. Een goede fijne structuur van de grond is daarom noodzakelijk. Naast een goede fijne structuur moet de grond vlak zijn met een goede water-luchthuishouding en een goede waterdoorlaatbaarheid. De grond mag niet dichtslaan door de watergift en op de grond mag niet met zware materialen gewerkt worden. Ieder jaar wordt er geïnvesteerd om de grond gezond te houden. Zo wordt er Flugzand en tuinturf of natuurcompost toegevoegd om de structuur op peil te houden. De grond wordt eens per twee jaar gestoomd en om ziektekiemen weg te werken.

Voordat de radijs wordt gezaaid, wordt de grond gefreesd. De messen in de freesbak malen de grond fijn, zodat een los zaaibed ontstaat van ongeveer 15 cm. Na het zaaien wordt de grond aangeharkt en nagesleept om voetsporen te wissen. Na het oogsten wordt de grond vrijgemaakt van gewasresten (radijsknolletjes) en onkruid en afhankelijk van het seizoen natgemaakt, voor een goede aansluiting van het vocht in de tweede steek (26 tot 50 cm diep). Daarna kan er opnieuw worden gezaaid.
 

 

 

 

 
Cornelissen Freshfood